Aquila heliaca

Wetenschappelijke naam:
Aquila heliaca Savigny, 1809

Nederlandse naam:
Keizerarend

Vogelgroep:
Arenden

Veldkenmerken. 72-83 cm, spanwijdte 180-215 cm. Een grote, zwaargebouwde arend met zwartbruin verenkleed en bleekgele kruin en achterhoofd; meestal met enkele geheel witte veren op schouders. Staart bijna vierkant, met 5-7 dwarsbanden. Vliegt met rechte, horizontale vleugels. Juveniel zonder wit en verenkleed varieert van geelachtig bruin tot gevlekt zwartbruin, afhankelijk van leeftijd, gewoonlijk donker gestreept en met okerkleurige kruin; heeft drie karakteristieke binnenste bleke handpennen en bleke stuit. Onvolwassen ongelijkmatig donkerbruin gevlekt. Vlucht zwaar met flappende vleugelslagen, onderbroken door zweefvluchten.

Geluid. Een serie snel herhaalde, blaffende geluiden: 'owk-owk-owk-owk'.

Voorkomen. Plaatselijke en zeldzame broedvogel.

Habitat. In laaglanden met parklandschap, open gebieden van heuvels tot vlakten en duinen met verspreide bomen.

Voedsel. Zoekt prooi in zweefvlucht of vanaf zitplaats. Eet middelgrote zoogdieren en vogels, aas en soms reptielen.

%LABEL% (%SOURCE%)